Wat ik niet koop…

Och ja, gewoon ter vermaeck. Ik vind het altijd leuk om op te schrijven en nog leuker om te lezen bij anderen. Vaak brengt het me op goede ideeën.

Foto door Karolina Grabowska op Pexels.com
  1. Kabelabonnementen voor de televisie.
  2. Televisies. We hebben een tweedehands scherm, dat wel.
  3. Andere hier bij behorende accessoires.
  4. Camera’s en cameraspulletjes.
  5. Kantoorartikelen. Geen nietjes, paperclips, punaises en ordners.
  6. Magnetrons. Want straling.
  7. Speciaal serviesgoed.
  8. Pyjama’s voor man en mij.
  9. Strijkplanken.
  10. Plastic bakjes. Ik heb glazen bakjes. Mooier, frisser en gezonder.
  11. Agressieve reinigingsmiddelen.
  12. Douchegel.
  13. Crèmespoeling. We hebben het wel, voor de heel langharigen in ons gezin maar mijn haar wordt er alleen maar slap van.
  14. Drogers. Ik heb de mijne verkocht en ben ook gelukkig zonder.
  15. Cadeautjes voor elkaar. Soms verrassen we elkaar maar niet ‘als het moet’.
  16. Kaarten. Kerstkaarten, verjaardagskaarten. Heel soms maak ik een kaart voor mijn moeder met recente foto’s van de kleinkinderen, vooral. Maar verder niet. Ik schrijf wel brieven.
  17. Haaraccessoires.
  18. Haarstylingspullen.
  19. Haarapparaten.
  20. Haarbehandelingen bij de kapper.
  21. Haarverf.
  22. Oorbellen.
  23. Andere sieraden of piercings.
  24. Bloemen.
  25. Planten.
  26. Nieuwe telefoons, tenzij een overlijdt.
  27. Telefoonaccessoires.
  28. Gadgets.
  29. Dure telefoonabonnementen. We hebben allemaal de meest basic versie.
  30. Parfum. Ik vind sommige luchtjes nog altijd lekker, maar krijg er hoofdpijn van.
  31. Wasverzachter.
  32. Gezichtsverzorging: oilcleansing + heel goedkope dagcrème = genoeg.
  33. Mooi maar oncomfortabel ondergoed.
  34. Handtassen.
  35. Nagellak
  36. Nagellakremover
  37. Labello-achtige substanties.
  38. Nagelverzorgingsproducten
  39. Handcrème.
  40. Frisdrank.
  41. Water in plastic.
  42. Vruchtensap.
  43. Kant en klaar maaltijden.
  44. Fastfood.
  45. Eten in restaurants.
  46. Hobbyspullen voor mij.
  47. Pennen.
  48. Papieren boeken voor mezelf. Ik heb een kobo+- abonnement: geweldig.
  49. Tijdschriften.
  50. Kranten.
  51. Tafelkleden, tafellopers etc.
  52. Wegwerpservies en -bestek.
  53. Koffiecups.
  54. Koffie voor onderweg.
  55. Vliegtuigtickets.
  56. Vakanties.
  57. Tuinplanten.
  58. Een agenda. Ik weet niet of ik dat volhoud, voor nu heb ik mijn dingen digitaal.
  59. Sigaretten.
  60. Bier
  61. Wijn (we maken ons eigen, van concentraat)
  62. Sterke drank.
  63. Loterij-tickets.
  64. Badzout, bathbombs, etc.
  65. Zonnebrandcrème.
  66. Snoep, behalve bij speciale gelegenheden.
  67. Plofkip
  68. Plofwatdanook.
  69. Bevroren pizza.
  70. Vis (elke kilo vis in de winkel levert 5 kilo aan dode andere dieren op)
  71. Speelgoed
  72. Anti-aanbakpannen.

Er is uiteraard nog veel meer, maar dat is voor een volgende keer.

Uitdagingen voor de ongeïnspireerde minimalist

Want iets dat je perspectief op de zaken doet veranderen, is leuk. We nemen maar aan dat we x, y en z nodig hebben, plus back-ups en ook de inmiddels afgedankte maar desondanks achter in een kast bewaarde voorganger.

Soms doen we de afgedankte versie weg. En na heel veel en rijp beraad, ook de back-ups. En uiteindelijk komen we erachter dat we alleen x en y nodig hebben. Of alleen x. En dat we daarmee ook prima uit de voeten kunnen.

100 Day Dress Challenge

ik heb in het echt wel een hoofd

Een uitdaging die ik zelf heel leuk vind, is de 100 day dress challenge, van het merk Wool&. Nu vind ik die jurken niet zo leuk, maar deze van het Noorse merk Ella & Il wel.

In deze challenge is het dus de bedoeling dat je de zelfde jurk 100 dagen achter elkaar draagt.

Ik bestelde hem in oktober en het duurde even voordat hij werd geleverd maar ik heb hem sinds ik hem kreeg, gedragen. Ik ben absoluut saai, ik voel geen enkele behoefte hem op te leuken met riemen, kettingen of sjaaltjes. Heerlijk!

De jurk is perfect. Simpel, zwart, geen irritante zoompjes en lijnen -hoewel de zakken van mij niet hadden gehoeven, vallen ze gelukkig niet op-, geen knellende col, de mouwen zijn lang genoeg en de stof dik zonder stug of ‘bulky’ te zijn.

Of ik het 100 dagen ga volhouden -ik was hem tussendoor uiteraard wel een keer ;)- weet ik niet maar zo lang mogelijk is mijn intentie.

The joy of one

Ik vond dat een geweldige serie op het blog van Miss Minimalist. Hoe lang kan je doen met een exemplaar of soort ergens van? Een soort broek: een legging. Een pan, waarin je eenpansgerechten maakt (duh). Een paar schoenen, in haar geval ballerina’s. Een pen? Een lippenstift? Een tas?

Ik vind het leuk om zulke dingen uit te proberen. Een pan is een ver-van-mijn-bed-show, maar er zijn genoeg dingen op te noemen, waarbij ‘een’ een perfecte balans is tussen niets, en overdaad.

Opruimbingo’s

Genoeg gratis inspiratie online als je even zoekt, maar verschillende bloggers organiseren dergelijke acties, vaak voorzien van Farcebook-steungroepen. Nu heeft de hardcode minimalist misschien geen groepje nodig, of een bingo, maar het kan je maar net herinneren aan een misschien wat vergeten onderdeel van je huishouden. We raken soms zo gewend aan de dingen die er zijn omdat ze er zijn, dat we vergeten hun nut te bevragen.

Er zijn hier ook van die dingen. Onlangs deed ik de helft van mijn kruiden weg, en heb er nog niet een gemist. Ik had in mijn hoofd dat ik ze allemaal nodig had, maar dat was echt niet waar.

Pak gewoon alles in wat je hebt…

En haal de dingen een voor een tevoorschijn, zoals deze Finse man. Wel heel erg letterlijk, ik kan me echter voorstellen dat het een heel nieuw licht werpt op de spullen die je hebt, nodig hebt en niet nodig hebt.

Eet al je maaltijden uit een kom

Er zijn zo veel culturen die dit doen. In de ochtend havermout, in de middag soep of een poke-bowl en ’s avonds rijst met groenten en omelet, bijvoorbeeld. Het laat je in elk geval nadenken over wat je eet, en de hoeveelheid is ook makkelijker te controleren.

Een no-buy

Dat gaat makkelijker als je nog iets meer spullen hebt, als je precies hebt wat je nodig hebt, heb je echt niets meer als er iets kapot gaat. Zo wil ik een nieuwe maatbeker kopen omdat mijn maatbeker kapot is. Aan de andere kant, mijn insteek was om niets nieuws te kopen deze maand, dus waarom gebruik ik mijn steelpannetje met maataanduiding niet. En dat bedoel ik: we hebben meer dan we denken.

Een (1) outfit

Dat is iets waar ik nu mee ‘experimenteer’. Of juist niet. Hm. In elk geval, mijn zwarte legging met mijn zwarte merinowollen jurk plus zo lang het niet glad is, mijn te comfortabele laarzen. Hoe lang kan je een en de zelfde outfit dragen?
Ik vind het tot heden heerlijk dat ik er eigenlijk niet over hoef na te denken. Bovendien zit het fijn en is het absoluut mijn stijl. Of gebrek eraan, het ligt er maar aan hoe je er naar kijkt.

Je hoeft niet elke dag het zelfde kledingstuk te dragen, maar misschien geeft elke dag dezelfde soort kleding, wel een bepaalde rust en helderheid. Niet elke dag het wiel uitvinden.

Tijdelijk zonder leven

Juist voor de dingen waarvan je denkt: dat zou ik echt nooit op kunnen geven. Ik probeer het soms met koffie om me vervolgens af te vragen waarom. Ik ben vrij snel verlost van de cafeinezucht, maar het ritueel, de smaak en het ‘gevoel’ van koffie mis ik. Soms drink ik een paar weken of maanden geen alcohol. Soms douche ik een tijdje niet. Ik was me wel. Zelfs met de douche. Maar ik doe zonder het langere tijd onder een warme douche staan. Een tijd niets uitgeven behalve aan eten. Afgelopen maart hadden we een maand lang geen internet. Dat was ook heerlijk maar (snel) internet hebben went heel snel. Dat is iets, dat ik ook weer eens moet minderen.

Altijd vind ik een hernieuwde waardering voor wat er is. En weet ik wat het toevoegt in mijn leven, maar ook dat ik zonder kan, als ik wil of moet, zonder me echt gedepriveerd te voelen.

En dan hebben we natuurlijk nog een heleboel andere dingen om te proberen. Vasten. Seksuele onthouding. Geen alcohol drinken. Stoppen met koffie. Veganisme. Zero waste. Alleen lokaal eten nuttigen. Kamperen of bushcraften met de meest minimale middelen. Vanlife.

Maar daar houdt mijn idee van less is more wel op. Jedem das Seine, uiteraard. Misschien, ooit. En zeg nooit ‘nooit’. Of wel.

Alles wat je niet nodig hebt, is mooi meegenomen. Het is heerlijk om steeds weer een ‘laagje’ af te gooien. Dingen te vinden die overbodig blijken voor een aangenaam leven. De grenzen bewust opschuiven, mag best een beetje.

The Joy of One

Een van mijn grote minimalisme-inspiratiebronnen is Francine Jay. Ze begon met bloggen toen ik begon met opruimen en nog steeds lees ik af en toe haar blogs ter inspiratie.

Een van mijn favoriete onderwerpen op haar blog is ‘The Joy of One’, waarin ze experimenteert met het hebben van slechts een exemplaar van iets. Pan, leggings, schoenen, pen, etc. Dat leek me destijds interessant doch extreem, echter ik merk nu dat het iets is dat ‘natuurlijk’ is gegroeid. Er zijn veel dingen waarvan ik nog maar een exemplaar gebruik.

Ik weet niet of het voor altijd zal zijn, maar ik heb mijn leven verder vereenvoudigd en gemerkt dat meer vaak niet meer is dan een extra ‘last’. Nu is dat in het geval van een pen wat sterk uitgedrukt, maar less is more, toch?

In elk geval, hierbij een klein overzicht van de dingen waar ik momenteel nog een (soort) gebruik:

(uiteraard geen gesponsorde links hier, links hoogstens ter ‘illustratie’ of inspiratie, niet om iemand iets te laten kopen…)

Een jas.

Oh, ik ben toch (wederom) zo blij met die aankoop. Ik vind hem nog fijner dan de vorige, die donkerblauw was. Het is een 3-in-1 jas: een warme binnenlaag die je los kan dragen, een wind- en waterdichte bovenlaag en samen vormen ze een warme winterjas. Ik zou er echter nooit de volle prijs voor betalen. Maximaal de helft.

Een (rug)tas

Mijn leren handtas gebruik ik uit praktische overwegingen eigenlijk nog maar zelden. Ik vond het onhandig om dingen te moeten verhuizen als ik boodschappen ging doen, of ging wandelen dus ik neem tegenwoordig alleen mijn rugzak mee, een Fjellreven Kånken, waar ik het merkje van afgehaald heb. Groot genoeg voor alles wat ik op een dag of een wandeling nodig heb, tijdloos en van goede kwaliteit.

Een waterfles

Mijn onvolprezen geïsoleerde Hydroflask. Ik gebruik hem thuis en onderweg om water uit te drinken.

Een pen

Ik houd van vulpennen maar met mijn linkse hand heb ik er nog niet een kunnen vinden die echt perfect schrijft. Bovendien schrijven ze niet op alle papiersoorten even fijn. Met een balpen heb ik dat probleem niet en dus gebruik ik nu de balpen die ik vorig jaar bij de Hema kocht. Schrijft gewoon altijd goed, en de vulling kan worden vervangen.

Een zonnebril

Ik doe al jaren (vijf, uit mijn hoofd) met mijn zonnebril van de H&M. Ik snap het nut van een goede kwaliteit zonnebril maar als je met een goedkoop ding net zo voorzichtig omgaat als met een hele dure, kan het goedkope exemplaar ook heel lang mee gaan…. Ik gebruik hem ook zo min mogelijk, want helemaal ideaal voor je ogen is het ook weer niet.

Een ring, een ketting.

Mijn verlovingsring en een ketting die ik kreeg van de man. Toen we net verkering hadden, kreeg ik een soortgelijke ketting van hem en die heb ik letterlijk ‘opgedragen’. Twee jaar geleden kreeg ik deze voor kerst, ik draag hem elke dag, net als de ring. Verder heb ik geen sieraden. De ring die ik kreeg van mijn moeder toen ik 14 was, is gebroken, voor oorbellen ben ik helaas allergisch.

Een legging

Ik heb er twee, dezelfde en ik houd er zo veel van sinds ik besloot voorlopig alleen nog maar die te dragen. Ze zijn van GAP, het is een hoger model met een brede tailleband. Ze zijn warm en zacht en sluiten perfect aan, ze krijgen geen lubberknieën en verkleuren -tot heden- niet.

Ik draag hem met mijn favoriete jurk. Ik wil er eigenlijk, a la het merk Wool&, een 100-day dress challenge mee doen en ja, dat betekent 100 dagen dezelfde jurk dragen. Ik weet nog niet of ik het vol wil houden, het begin is er.

Een soort sokken

Een deel mijn favoriete sokken was versleten, een ander deel dermate verwassen dat ze steeds afzakten en ik kan NIET tegen afzakkende sokken. Argh, rode waas voor mijn ogen en alles! Ik kocht acht paar dezelfde zwarte wollen sokken en ben sindsdien compleet frustratie- en wensenvrij op sokgebied. Op de meeste gebieden wel, maar acht paar perfecte, dezelfde sokken in de kast is een kers op de sartoriale taart.

Een olie

Avocado-olie. Voor het verwijderen van hardnekkige mascara, om mee te smeren, voor in de dode uiteinden van mijn haar -alles behalve de wortels, zeg maar- en voor winterse handen. Ik heb meerdere soorten olie geprobeerd, olijfolie en kokosolie geven me mee-eters, helaas. Jojoba-olie is fijn en niet vettig, maar erg aan de prijs en dit had ik nog staan.

Een wijnglas

Ik ga in een razend tempo door gewone wijnglazen heen. Ze vallen en breken, raken bekneld in de vaatwasser… dat schiet niet op. Ik heb daarom twee gewone glazen -ze kwamen in een set van twee- van iitalla, van de serie ‘Kastehelmi‘. Stevig, mooi en verantwoord Fins design. Zo fijn!

Een haardinges

Uff, mijn haar is best dun geworden dus ik kan er niet heel veel anders mee dan het boven op mijn hoofd vastbinden, als ik het niet net heb gewassen en geföhnd en in dat laatste heb ik niet altijd zin. Dus, een zwarte scrunchie. Staat me best goed, toch? 😉 Ja, deze is roze omdat ik tijdelijk die van DL3 heb geleend, mijn oude had geen elastiek meer.

Een paar schoenen

Hierin moet ik beterschap beloven, en sowieso moet ik ze binnenkort omwisselen voor andere schoenen want de zolen zijn spekglad en waterdicht zijn ze evenmin, maar ze zitten zo heerlijk en ze zijn zo makkelijk! (slechte argumenten als het gaat om er goed uitzien, I know….)

Ik kocht ze anderhalf jaar geleden, met 80% korting. Ze zijn van het merk Felmini. Het is een behoorlijk verantwoord, Portugees merk. Ik draag al sinds het geen zomer meer is, eigenlijk alleen deze nog.

En verder… een mascara, een lippenstift, een wenkbrauwpotlood, een favoriete koffiekop, een schilmesje, een groot mes (allebei van Robert Herder, de roestende variant. De laatste heb ik al 12 jaar),

Word de conservator van je leven.

Een conservator zorgt ervoor dat een kunstcollectie bestaat uit mooie bijzondere stukken, die goed onderhouden worden. Een conservator is strikt op wat er wel en niet in thuis hoort, bekijkt welke stukken tentoongesteld moeten worden op een expositie, zorgt dat het een samenhangend geheel wordt en ziet erop toe dat alles in keurige staat blijft.

Foto door Pixabay op Pexels.com

In een museum hangen doorgaans geen 15 kunstwerken twee vierkante meter, maar elk werk krijgt de ruimte om te kunnen stralen in een flink stuk lege ruimte. Een curator, of conservator denkt niet: ‘laat ik die drie minder bekende werken er maar vlak naast hangen, dan hebben mensen dat ook maar gezien’. Misschien hangen ze er wel, maar ook in hun eigen ruimte.

Soms kom je bij iemand, waar veel mooie spullen staan. Maar er staat zo veel, dat het er eigenlijk rommelig uitziet, waardoor je de spullen niet meer op waarde kan schatten. Ikea gebruikt deze techniek voor het verkopen van meer spullen: gooi een hele berg dezelfde spullen in een bak, en mensen nemen de prijs waar als lager dan wanneer een ding -met dezelfde prijs- in zijn eentje, of slechts een paar is uitgestald.

In een verder lege ruimte, maakt een mooie handgemaakte schaal op tafel een grote indruk. Het beeld in de vensterbank of op zijn eigen plank, schittert in de eenvoudige ruimte.

Ik vind het mooi om alle spullen waarmee je je omringt, in dat licht te bekijken. En dan bedoel ik niet dat je je moet omringen met slechts een paar design- of kunststukken, maar dat je je favoriete spullen moet laten stralen door de rommel er tussenuit te halen.

Conserveer met een doel voor ogen

In plaats van lukraak te beginnen met ontrommelen, vraag jezelf af: hoe wil ik dat mijn huis eruit ziet? Wat wil ik doen in mijn huis, mijn keuken, mijn woonkamer? Hoe wil ik dat mijn kledingkast ‘aanvoelt’? Welk gevoel moeten mijn kinderen krijgen van hun omgeving als ze ’s avonds in hun bed liggen?

Altijd weer dat Pareto-principe!

Hier komt ook de 80/20 regel weer van pas. Of de 90/10-regel. Je gebruikt en waardeert maar een klein gedeelte van je spullen. Je kleding, keukenapparaten, serviesgoed, speelgoed, etc. In plaats van een groot deel van je tijd en geld kwijt te zijn met het zorgen voor die 80% of 90%, waarom niet die dingen wegdoen en een goed conservator zijn voor de 10%, 20% die je overhoudt?

Als we samenwonen met anderen, zullen we dat plaatje wellicht nooit helemaal voor elkaar krijgen. Compromissen zijn nodig. Maar een duidelijk idee van hoe je de dingen wenst te hebben, helpt om het koren van het kaf te scheiden.

Wat ik wil in mijn huis

Ik wil dat iedereen makkelijk kan doen wat hij of zij wil hier. Ik wil koken zonder om tig potjes en flesjes heen te hoeven manoeuvreren. Ik wil het huishouden kunnen doen zonder frustratie om spullen die meer kosten dan ze opleveren. De man moet kunnen hobby’en (we hebben geen schuur of garage, dus de bijkeuken is daarvoor in gebruik). De kinderen moeten kunnen spelen, dus een groot deel van het vloeroppervlak is leeg. Ik wil dat ze een aangename maar niet al te stimulerende slaapkamer hebben, dus er staan en hangen wat dingen die ze mooi vinden, maar speelgoed staat achter een deur en op hun bed mogen maximaal drie dingen: bijvoorbeeld twee knuffels en een sierkussen.

Bij de dingen die ik heb vraag ik me geregeld af: ‘past dit in mijn collectie?’ In het leven zoals ik dit voor me zie? Dat maakt het ontrommelen makkelijker. Voegt iets gemak, of gedoe toe aan het leven? Maakt dit mooier, of slonzig? Is het hebben van een back-up van iets gemak of een extra zorg?

Bekijk het anders…

Er is een verschil in benadering tussen ‘de rommel eruit trappen’ en ‘je fijnste dingen koesteren en laten schitteren’.

Wat voorbeelden:

  • Welke kleding draag je keer op keer? Waar krijg je complimenten mee? Dat is een goede indicatie voor wat je graag draagt en wat je goed staat. Houd deze kleding en neem afscheid van de rest.
  • Welk serviesgoed staat elke dag in de vaatwasser? Behoud dat en doe al die te kleine kopjes, te grote wijnglazen en twintig extra borden van de hand.
  • Bewaar de echt mooie kindertekeningen. Die echt iets betekenen. Die met een geweldig fantasiedier of iets waar ze echt hun uiterste best op hebben gedaan. De rest is oud papier, je hoeft niet elke kras te bewaren. (misschien alleen de eerste krassen)
  • Bewaar alleen de hobbyspullen voor de hobby die je nu hebt, en dan alleen de dingen die je 100% zeker gaat gebruiken.
  • Leer koken met een paar basisingrediënten. Een fles sojasaus, bruine suiker, sesamolie, verse gember en knoflook vervangt een hele rij kant-en-klaar sauzen, bijvoorbeeld. En neem afscheid van al die kruiden die je eens in het jaar bewaart en nu alleen maar oud staan te worden.
  • Hang alleen je absolute favoriete kunst aan de muur. Welk gevoel krijg je bij een afbeelding? Voelt het donker? Opgewekt? Futloos? Krijg je er energie van? Nietszeggend? Inspirerend? Kunst komt beter toch zijn recht in zijn eentje, of gegroepeerd in een verder rustige ruimte.
Foto door Designecologist op Pexels.com

Nou… maak er wat moois van, zou ik zeggen 😉

Schoenen en jassen: hoeveel is genoeg?

Dat blijft altijd een heikel punt hier: jassen en schoenen. Noorwegen is een land voor praktische zaken, niet voor mooie soullen.

Ik heb onlangs geïnvesteerd in een 3-in-1 jas voor mezelf, en afscheid genomen van mijn andere jassen. Ideaal! (deze, maar meestal voor niet meer dan de helft te koop met enig zoeken / afwachten).

Voor de kinderen zou ik dat ook kunnen doen, zo’n veelzijdige jas maar dat realiseer ik me eigenlijk nu pas. Wat zij hebben:

Uitzet buitenkleding

  • Een lichte regenjas voor natte, maar nog warmere dagen voor DL2 en DL3. Die hangen doorgaans op school.
  • Een zomerjas. Meestal dragen ze die van mei tot en met september. De jongen draagt een vest dat van zijn vader is geweest als jas, mocht hij het te koud vinden.
  • Een praktische winterjas, wind- en waterafstotend. De kleinsten hebben allebei een jas van Reima. Na 3 of 4 winters lange winters intensief dragen, kan zo’n jas nog met goed fatsoen bij de kringloop worden ingeleverd. Hier te koop in Nederland.
  • Een nette winterjas. Dit is eigenlijk niet nodig, maar DL2 wilde er vorig jaar een voor kerst, dus dat was haar cadeau. Inmiddels is hij haar te klein en past DL3 er bijna in. DL2 vond bij de kringloop een soortgelijke jas en kreeg die van me.

En aan schoenen hebben ze:

  • Laarzen. Cherrox of dockboots voor de kleinsten: stevige gevoerde kaplaarzen met profiel. Ik heb geen speciale zomerlaarzen voor ze. Voor tijdens ‘buitenschool’ en als er natte sneeuw ligt.
  • Voor allemaal: nette(re) herfst- of lenteschoenen. Sportschoenen en laarzen voor ZL, Converse gympen en nep Dr. Martens voor DL1. Laarsjes voor DL2 en DL3.
  • Winterschoenen die geen laarzen zijn voor DL1 en DL2. Ze dragen ze nu al, maar zouden ook water- en sneeuwbestendig zijn.
  • Zomerschoenen. Sportschoenen of gympen. Meestal ook een paar (nep) crocks, voor naar het strand, snel even naar buiten etc.

Verder:

  • Een paar dikke, waterdichte handschoenen
  • Een paar dunne handschoenen
  • Twee mutsen
  • Eventueel nog wat dingen die ze zelf kopen met hun eigen geld: oorwarmers, sjaals, een extra muts…

Iedereen heeft een eigen bak in de vakkenkast in de gang met hierin hun accessoires.

De seizoenen lopen ook nogal door elkaar, dus ik ruim regelmatig om orde te houden.

Vorig jaar juni liepen we nog met onze winterjassen, terwijl we vorige week -begin november- nog zonder jas på tur waren, bijvoorbeeld. De dingen eenmaal opbergen en niet meer tevoorschijn halen voor maanden, werkt niet maar ik vind het fijn als er een minimaal aantal spullen direct in het zicht ligt.

Hoe minimaliseer je jassen en schoenen?

  • Kijk naar wat er wordt gedaan op een dag en kies schoenen die zo veel mogelijk taken kunnen vervullen. Omdat we hier zowel -10 en een meter sneeuw als +30 kunnen verwachten, hebben we een wat omvangrijker schoencollectie dan we in Nederland zouden hebben.
    In Nederland zou voor mijn dochters een paar gympen of sportschoenen en een paar goede leren laarsjes genoeg zijn. Voor mijn zoon een stevig paar sportschoenen. De oudste zou vermoedelijk het hele jaar op haar Converse-gympen rondlopen.
  • Als je nieuw moet kopen, houd dan deze veelzijdigheid als belangrijkste uitgangspunt. Dat geldt voor schoenen maar ook voor jassen: misschien kan je een winterjas met uitneembare voering aanschaffen? Er zijn genoeg schoenen waarmee je 95% van de tijd prima voor de dag kan komen.
  • Een langere jas is handiger in de regen dan een korte, wat de noodzaak van een regenbroek wellicht kan elimineren.
  • Kies schoenen die vies mogen, en makkelijk weer schoon kunnen worden. Ik vind het zelf erg sneu als kinderen wordt verboden in een plas te stampen of in de modder te spelen omdat anders de witte merk-sneakertjes vies worden.
  • Stop wat je niet gebruikt, weg en kijk of je makkelijk toe kan zonder. Zo ja, dan kan het weg.
  • Een back up kan handig zijn, maar ik merk dat kinderen zuiniger zijn op hun spullen als ze slechts een exemplaar hebben, en als ze het zelf hebben aangeschaft. Ik verschaf de basics, de rest kopen ze zelf als ze dat willen hebben.
  • Houd een regel van maximaal twee paar schoenen en een jas in de kapstok aan (bijvoorbeeld) en laat je kinderen wegruimen wat er teveel is.
  • Verklein. In plaats van een enorme sjaal, kan je een merinowollen colsjaal gebruiken. Die is net zo warm, minus de bulk. In plaats van een gigantische winterjas, kan je misschien even warm blijven met een dunne wollen longsleeve onder je kleding.
  • Als je back-ups wil houden, hang ze dan niet tussen de alledaagse spullen.
  • Investeer in een schoenendroger. Ideaal om in een half uurtje natte laarzen, schoenen of handschoenen warm en droog te hebben. Scheelt me back-ups hebben van bijna alles.
  • Weersta schattige maar totaal onpraktische kleding voor je kinderen (en jezelf)
  • Leer kinderen eigen verantwoordelijkheid voor hun spullen. Als je geen drie back-ups hebt, moet je wel.

Tips voor een simpele kerst.

Foto door Char op Pexels.com

Waarom een eenvoudige kerst?

Wel, het zijn feestdagen, geen vreetdagen. Niet eens cadeaudagen. Ook geen stressdagen. We vieren de terugkeer van het licht, het feit dat het licht gewonnen heeft van de duisternis. Van de terugkeer van het licht, of Jezus. Of gewoon het feit dat het gourmetstel weer van stal gehaald mag worden.

De zonnewende, Jul, kerst: het is een tijd van bezinning. Een tijd waarin we het nieuwe licht vieren, uit welke overtuigen dat dan ook komt. Jezelf klem eten en het rood in shoppen, zijn precies het tegenovergestelde van ‘vieren’, mijns inziens.

Het overgrote deel van de mensen ziet op tegen alle heisa met kerst. Waarom maken we het onszelf dan zo moeilijk? Omdat we zijn opgegroeid en dood worden gegooid met het perfecte plaatje van de mooi aangeklede familie rond de mooi aangeklede kersttafel, in stemming rood, goud en groen en de blinkende cadeautjes onder de mooi aangeklede kerstboom. Alles gezellig, dankbaar en perfect, mits je genoeg consumeert en het liefst een beetje meer dan vorig jaar.

Als je het overdadig consumeren overboord gooit, blijft er een prachtige periode over waarin je waardeert wie er om je heen zijn en wat er in je leven is.

Concreet vereenvoudigen

Uitbesteden

7 slag til Jul is een bekende Noorse traditie: zeven soorten koekjes bakken, voor kerst. Hartstikke leuk, maar ik vind een keer peperkoekjes bakken met kant-en-klaar deeg echt genoeg gebak. Lang leve de bakker, die bakt nog lekkerdere koekjes dan ik ook.

Dat geldt ook voor andere dingen. Waarom zou je het jezelf heel moeilijk maken? Less is more geldt ook voor een kerstdiner. Een simpele bouillon of roomsoep, een paar salades, een plank met stokbrood en Franse kaas of tapas (al dan niet besteld bij een traiteur) en zelfgemaakt sorbetijs als dessert. Ik noem maar wat. Geen gedoe, wel lekker.

Minder cadeaus

Een berg cadeautjes onder de kerstboom ziet er leuk uit, maar hoe veel gedoe is het om te beslissen wie wat wil, om voor al deze dingen te winkelen, ze in te (laten) pakken, te verstoppen voor de kinderen, uit te pakken en een plek te geven? Houd het eenvoudig, en bij bijvoorbeeld een groter cadeau, of de bekende ‘something they want, something they need, something to wear, something to read.

Met volwassenen kan je afspreken om cadeaus te laten voor wat het is, of om alleen iets eet- of drinkbaars te geven tot een x bedrag.

En natuurlijk zijn er ook tal van rommelvrije cadeaus te bedenken als abonnementen, donaties, of simpelweg afspreken om een luxe ijsje te gaan eten.

Probeer cadeaus in orde te hebben voor de tijd begint te dringen. Dus, nu ongeveer.

Simpele kerstdecoratie

Wel of geen kerstboom? Een neppe? Van mij hoeft het niet, van mijn gezin wel. Ik probeer het wel zo lang mogelijk uit te stellen en op dag 1 van Romjul (de periode tussen kerst en oud & nieuw) tuig ik hem af en mag hij nog een tijdje op het balkon, met zijn lichtjes aan.

Een aantal jaren geleden heb ik twee dozen oud roze glazen kerstballen gekocht en al het overige naar de kringloop gebracht, op de spullen van de kinderen na. Dat geeft een rustiger aanblik.

Op de kinderen hun kamer ruim ik begin december hun plank leeg, zodat daar de kaarsen, houten rendieren en waxinelichthuisjes van Oma-oma kunnen staan. In de woonkamer beperk ik kerstdecor tot de boom.

Zeg ‘nee’

Je kan ook ‘nee’ zeggen op een uitnodiging. Echt, je hoeft niet naar iedereens pijpen te dansen. Als mensen teleurgesteld zijn, jammer dan. Als je ‘nee’ zegt tegen bijvoorbeeld een eetmarathon bij je schoonouders, zeg je ‘ja’ tegen een heerlijk ontspannen en gezellige dag met je eigen gezin, of gewoon een dag voor jezelf. Of tegen leuke vrienden, die net als jij kerst eenvoudig doch betekenisvol willen houden.

‘Nee’ zeggen kan ook tegen de extra kcal die je als je niet oplet, naar binnen werkt. Ik las dat een onderzoek uit 2016 in Engeland uitwees dat mensen gemiddeld 6000 kcal per kerstdag eten. Dat is bijna genoeg voor vier dagen. Wegen die lekkernijen op tegen na oud & nieuw uit je broeken knallen, het ongemakkelijke gevoel van te veel eten in je maag en vet rond je taille en het slappe gevoel dat je krijgt van te veel vet, vlees, suiker en witmeel?

Zeg ‘nee’. Beperk je porties en sla vaker iets af. ‘Doe niet zo ongezellig’ zeggen mensen alleen om hun eigen gevreet te rechtvaardigen, want het wordt niet gezelliger omdat iemand anders zich ook vol zit te stouwen.

Houd van te voren een grote schoonmaak en ontrommelronde

Ik vind het altijd heerlijk om voordat de kerstvakantie begint, het huis weer eens goed te ontrommelen. Van de koelkast tot de kapstok, van het badkamerkastje tot de lades onder de bedden van de kinderen.

Ook al komen er geen bergen spullen bij, het is altijd fijn wat extra ruimte in je bezittingen te hebben en alleen nog datgene in je leven te houden dat waarde toevoegt. Het voelt heerlijk om opgeruimd en georganiseerd het nieuwe jaar in te luiden en het voorkomt een ‘opgepropt’ gevoel tijdens de kerstdagen.

Bereid kerstoutfits voor

Als kerstkleding iets is dat je gaat dragen. Check of je alles hebt voor iedereen, maak het indien nodig schoon, pas het zodat je zeker weet dat het past en er geen gaten in zitten of knopen ontbreken zodat je nog op tijd bent voor reparatie of vervanging. Op 24 december om kwart voor vier nog op een nette broek voor je zoontje van 8 is geen pretje.

Bereid alles voor

Want stress op het laatste moment in drukke winkels met een drukke agenda is driedubbele stress. Doe nu wat je nu kan doen en je hebt straks een makkie, en dus meer plezier tijdens de feestdagen.

Ontrommel je hoofd

Voor en tijdens de feestdagen kan ik makkelijk in een slechte bui raken. Ik houd er niet van als ik dingen moet die ik zelf niet wil, en op een of andere manier wordt mijn gemoed als ik niet oppas, loodzwaar.

Januari is mijn favoriete maand, zo heerlijk leeg en licht, zeker als we verblijd worden met sneeuw.

Maar, ik moet mezelf soms even toespreken: go with the flow, mekker niet zo, tel je zegeningen. We gaan lekker naar buiten en maken onze traditionele wandeling naar Kniben en hebben het leuk met elkaar. Een beetje de normale structuur in de dagen houden, helpt me ook.

En misschien ben je het tegenovergestelde. Moet alles perfect zijn. Maar er is maar zo veel dat we goed kunnen doen. Goed hoeven doen. Stop je energie in die dingen, die ertoe doen. Laat de rest los en geniet. Vraag je af: hoe belangrijk is dit over een uur, een dag, een maand, tien jaar?

Als je terugkijkt, zie je in je herinnering hopelijk een vrolijke, lichte doch gecontroleerde chaos, een tafel met blije gezichten met de mensen die je dierbaar zijn. Blije kinderen en jezelf ontspannen, in plaats van overweldigd.

Minder is meer, ook met kerst.

Als de blaadjes vallen… loslaten

Wat is het toch mooi buiten. Na dagen met harde regen en wind is de lucht prachtig blauw en stil, zie bewijsstuk A.

A.

We zijn opgevoed met en gewend aan het idee van eeuwige groei en dat altijd alles maar in een grote rechte, of opwaartse lijn, leuk moet zijn en beter en meer moet worden.

We beginnen op bierkratten, met twee pannen en een dekbed als arme student en twintig jaar later bewonen we 150 m2, voorzien van ovens, magnetrons, televisieschermen die in een bioscoop niet zouden misstaan, kasten vol kleding en andere spullen…. We zijn slank als twintiger maar als veertiger hebben we een zwemband met overbodige kcal om ons lijf verzameld. We beginnen vrij, maar eindigen met een ingewikkeld sociaal netwerk vol verplichtingen en ‘oh help daar moeten we ook weer langs’ en een huis met hypotheek, een pensioenplan, een werkgever en levensstijl die ons stevig verankeren.

Maar… Of je nu settelt of je vrijheid wilt behouden, meer is niet beter en constante groei typeert hoogstens een kankercel maar daarmee loopt het uiteindelijk ook niet goed af

De herfst is een mooie tijd om het leven te overdenken. Je af te vragen wat er wel en niet meer in thuishoort. En dat is een proces. Ook een boom begint in augustus wat loom eruit te zien, in september langzaamaan te verkleuren, in oktober zijn haar dode blaadjes op zijn mooist en eind oktober, begin november vallen ze eraf als kleurige sneeuwvlokjes. Vooral berkenblaadjes kunnen dat zo prachtig…

Soms gebeurt er zo veel, dat we tijdelijk vergeten wie we zijn. Midden in de kleine kinderen, ziekte, gedoe op werk of andere stress, het is te makkelijk om jezelf op een sudderpitje te zetten en al het andere voorrang te geven. Niet meer te investeren in de dingen die je zelf belangrijk vindt. Dingen die jou, jou maken.

We waaien met wat winden mee en komen er opeens achter dat we helemaal niet zijn, waar we willen zijn. Maar alles wat we om ons hebben verzameld, houdt ons tegen om wel te kunnen worden wie we willen zijn.

Natuurlijk, het leven ls altijd een kwestie van compromissen. We moeten ons aanpassen aan de realiteit maar dat wil niet zeggen dat we onze eigen realiteit niet voor een deel zelf vorm kunnen geven.

En daarom is het denk ik zo belangrijk om te reflecteren en de dingen die je tegenhouden om je beste leven te leven, van je af te schudden zoals een boom haar blaadjes. Daarna mag alles de tijd hebben om te bezinken, te rusten en nieuwe krachten te verzamelen voor het volgende jaar.

Vroeger, toen ik bijna fulltime werkte, merkte ik de wisseling van de seizoenen niet zo sterk. Nu wel. Waar ik in de lente en het begin van de zomer bergen energie heb, ben ik nu wel vroeg wakker maar vallen ook om 10 uur ’s avonds mijn ogen dicht. Ik heb net als de natuur rond mij, de behoefte aan slaap, rust en het van me afschudden van overtollige ballast en niet alleen wat spullen betreft.

En toch, weinig doet me zo goed als het opruimen van mijn fysieke spullen. Het is therapie waarbij er ook in mijn hoofd weer ruimte ontstaat.

Maar naast al dat loslaten, is er ook extra waardering voor de mensen, dingen, ideeën en al het andere dat wel blijft, jaar na jaar. Dingen die ‘opeens’ boven komen drijven. Dingen die mee mogen naar het nieuwe jaar, om daar verder te groeien.

Ja, blablabla, dat was het weer hoor.

Wie wat praktischer opruimondersteuning zoekt kan terecht bij Anita’s Dagboek, die heeft een opruimbingo.

Fijne dag allemaal!

‘Extreem’ minimale garderobe

Over een paar dagen is mijn jongste jarig en wordt alweer zeven. Ik had een aantal cadeautjes besteld bij de Hema maar dat zat helaas niet in mijn pakje uit Nederland, dus moest ik iets anders verzinnen.

Een nieuwe glitterende feestjurk en glitterende feestschoenen dan maar. Ze heeft gelukkig niets met Noorse dresscodes en kleedt zich bijna altijd uitbundig en vaak feestelijk, dus het dragen ervan blijft niet beperkt tot de feestdagen.

‘Toch dat ik heel flink is om er mooi uit te zien?’ vraagt ze dan. Noorse grammatica, Nederlandse woorden. Ja, prachtig ❤

Simpeler, simpeler, simpeler…

Mijn eigen stijl wordt steeds simpeler. Ik kan ook steeds minder ‘gedoe’ aan mijn lijf verdragen. Zodra het knelt, ritsen heeft of anderszins irriteert, hoeft het al niet meer. Hakken draag ik ook nog zelden. BH’s met beugels irriteren me vreselijk! Panty’s idem. Maillots vond ik al vreselijk. Spijkerbroeken zijn evenmin mijn vrienden, ik houd niet van het stugge. Ik houd van wijd uitlopende broeken maar die zuigen zich vol water als ik me buiten de deur begeef, want regen enzo.

Misschien is al het gedoe in de wereld en in mijn directe omgeving dat mijn tolerantie voor gedoe aan mijn lijf is verminderd? Hiervoor had ik er geen last van. Een klein beetje ‘gedoe’ zorgde ervoor dat ik me juist extra goed voelde.

Mijn laatste twee alledaagse rokjes liggen thans in een soort sartoriaal vagevuur, waar hun nuttigheid wordt gewogen.

Ik heb ze nog niet terug gehaald, de laatste paar keren dat ik ze droeg irriteerde het me dat ze *net* niet lekker zaten als ik zat en trok ik ze na een tijdje weer uit. Alsof ze zeggen: ‘je bent te dik voor ons!’ en het is waar dat ik ze kocht en kreeg toen ik op mijn slankst was, maar ik ben niet van plan drie kilo af te vallen voor een rokje. Sowieso niet, ik ben erg tevreden.

En dus blijft er weinig over. En dat is goed, wat mij betreft. Een deel van mijn kleding is ‘on hold’. Ik gebruik het nu niet maar sluit niet uit dat ik het in de toekomst wel weer wil dragen.

Mijn garderobe is -voor nu- teruggebracht tot leggings met wollen jurkjes of langere truien. Oei, nu nog neonkleurige sportschoenen eronder en mijn integratie hier is nagenoeg compleet, wat kleding betreft. En oh ja, leggings als broek. Maar dat gaat niet gebeuren 😀

Mijn leven bestaat uit hier thuis zijn met de kinderen en leuke dingen met ze doen, het huishouden en lange wandelingen. Winkels en andere mensrijke plekken probeer ik te vermijden. Ik kleed me voor mezelf en mezelf wil op dit moment vooral comfort, alsmede er fatsoenlijk uitzien. Ik hoef niets uit te dragen, niets te bewijzen. En dat is fijn.

Bespaartips.

Foto door Anna Shvets op Pexels.com

Ik heb het al eerder geschreven, veel bespaartips vind ik echt stom en niet praktisch. Natuurlijk is het goed om broodkapjes op te maken door er croutons of arme riddere van te maken en versleten truien uit te halen en er sokken van te breien maar wat een gedoe is dat! Niet dat ik pleit voor voedselverspilling en wegwerpcultuur: ik hartje croutons, repareer wollen truien en stop sokken maar ik kan me voorstellen dat mensen daar geen zin in hebben.

Er zijn genoeg blogs met zulke tips, voor wie daar wel zin in heeft.

Ik denk dat het belangrijk is om een leven voor jezelf te maken waarin je minder nodig hebt. Van alles. Natuurlijk gaat daar meer tijd overheen dan ledlampen indraaien, een aanbieding groot inkopen of scherp onderhandelen over een nieuwe auto maar het is een blijvende verandering.

En ook: het aanleren van nieuwe gewoontes. Andere eetgewoontes. Andere koopgewoontes. Een andere ‘mindset’. Stoppen met denken dat je te weinig zal hebben of altijd maar meer, meer, meer nodig hebt. Dat is gewoon niet zo. Een paar voorbeelden (ik dwaalde een beetje af zie ik nu maar ik hoop dat iemand er iets aan heeft)

  • Overweeg de grote dingen. Heb je zoveel huis nodig als je nu bewoont? Zoveel auto’s? Zoveel apparaten? Een televisie? Een mobiel abonnement met 3 gb data? De snelste internetverbinding?
  • Wat heb je echt nodig in je leven? Focus je daar op. Ik ben absoluut voor een middenweg waarbij af en toe ruimte is voor iets speciaals en enige verwennerij in de vorm van een gebakje bij de bakker, een heerlijk zachte nieuwe trui of een stel mooie kaarsen voor extra sfeer, maar als een uitzondering, dus op zo’n manier dat het merkbaar iets toevoegt.
  • Check de kiloprijs. Ik kan een zak spinazie kopen die in twee happen leeg is, of een rode kool waar we drie keer van kunnen eten. Even duur. Een klein biefstukje of 6 biologische eieren. Havermout of All-Bran.
  • Maar onthoud dat je van iets lekkers minder nodig hebt dan van iets ‘nahs’. Twee dure bonbons bij de delicatessenwinkel kopen voelt als luxe maar ze zijn vele malen lekkerder dan een groot stuk Cote d’Or voor dezelfde prijs, waarbij de verleiding om hem helemaal op te vreten, zeer aanwezig is.
  • Waardeer je eigen dingen en volg geen mensen die je iets anders wijs willen maken. Ik kan me laten verleiden door alle mooie dingen in de winkels en op mijn telefoon, maar ik kan ook besluiten om mijn eigen spullen te waarderen en pas iets te kopen als ik vind dat ik dat nodig heb en dat is veel minder snel dan de adverteerders me willen doen geloven.
  • Koop bewust. Ik kan elke aanbieding inslaan die me wel interessant lijkt maar ik kan ook winkelen met een lijstje en pas sokken, pyjama’s, afgeprijsde shirtjes, tandenborstels en wasmiddel inslaan als ik het nodig heb. Niets mis met voorraad, maar vaak weten we niet eens wat er op de bodem van onze kasten en achterin lades ligt en kopen we dingen twee, driedubbel om vervolgens overweldigd te raken door de hoeveelheid ‘zooi’.
  • Maak simpel schoon. Ik kan voor elke schoonmaaktaak een ander product aanschaffen -een bron van rommel op zichzelf- of iets vaker maar veel minder intensief hoeven schoonmaken met azijn en afwasmiddel.
  • Overweeg je vervoer. Ik kan volhouden dat we een tweede auto nodig hebben, maar de afgelopen drie jaar heeft onze tweede auto meer dan de helft van de tijd stil gestaan en we hebben ons absoluut prima gered. Het vereiste iets meer planning met boodschappen doen en zaken als leerlingbesprekingen maar ik kon het niet eens onhandig noemen. Als het moet doen we alles weer gewoon met de Golf.
  • Pas op met luxe. Ik kan volhouden dat ik recht heb op bepaalde luxe, zoals een huis dat constant op 21 graden gehouden word maar ik vind het niet eens lekker, zo heet. Zelfs in de winter heb ik daarom de kachel meestal uit overdag. Dat is niet echt warm maar ook niet onoverkomelijk koud. Colsjaal, extra ‘mouwen’, beenwarmers en een wollen longsleeve en het gaat prima.
  • Heroverweeg wat je ‘nodig’ hebt. We zijn bijna allemaal gaan denken dat een tablet, regelmatig geupdate telefoon, magnetron, eigen laptop, zonvakantie, regelmatige garderobe-updates, kappersbeurten en eigen espressomachine nodig zijn maar dat is niet het geval.
    Je kan jezelf vertellen dat je het niet meer ‘mag’ of ‘niet meer zou moeten kopen’, maar je kan ook zeggen dat je het niet meer nodig hebt, omdat je leven prefereert boven vergaren en het werken om te vergaren. Of omdat je andere prioriteiten hebt.
  • Pas de tips die je te doen lijken, ook toe. We weten allemaal dat lang douchen veel energie kost en dat je flink bespaart door korter te douchen. ’t Is alleen een kwestie van doen: slechts de tip lezen en daarna een kwartier lang douchen helpt niet echt.
  • Uitjes zijn duur maar er is echt helemaal niemand die je verplicht om naar een pretpark te gaan. Wil je toch, vraag dat dan aan familie en vrienden voor sinterklaas voor je kinderen. Ben je ook meteen van al die overbodige plastic crap verlost.
  • Leer je kinderen ook geen nutteloze dingen, zoals het bestaan van McDonalds en speelgoedwinkels. Neem ze er gewoon niet mee naartoe! Hier wisten de jongste twee zo bleek vorig jaar niet eens dat er winkels zijn met alleen. maar. speelgoed. (‘Wat hebben ze daar dan?). Leg de focus op in de natuur zijn, dingen zelf doen, zelf eten maken en zichzelf vermaken.
    • Ga niet winkelen en al helemaal niet met andere mensen voor de lol als je niet heel stevig in je schoenen staat en je uitgaven nog niet kan beperken tot slechts een kopje koffie. Je kan de hele maand superzuinig met energie doen maar de hele besparing teniet doen met een achteloze aankoop zoals een 50% afgeprijsd truitje voor 30 euro dat je ‘niet kan laten liggen’. (en wat helemaal jouw kleur is volgens je vriendin)
    • Ik kan me laten verleiden door alle moois in de winkels en op internet maar wat mij helpt om blij te zijn met wat ik heb, is mijn eigen garderobe mooi maken. Alles eruit, de kast schoonmaken, alles netjes terughangen op kleur en soort nadat ik eventuele draadjes heb weggewerkt en mijn wollen truien heb ontpild, mijn incourante kleding nalopen of er iets bij zit dat ik misschien weer wil dragen, misschien een verwassen hemdje degraderen tot poetslap, de rest netjes opvouwen… en voila, een hernieuwde waardering voor wat ik al heb.
    • Idem met mijn huis. Wat me het meest blij maakt, is het huis en de spullen die ik heb, aandacht geven. Als mijn huis schoon en gelucht is, alle rommel opgeruimd, de ramen gezeemd en de koelkast gevuld met verse groenten en fruit ben ik minstens zo blij als ik zou zijn met een tas vol dure nieuwe ‘woonaccessoires’.
    • Het helpt om een betere naam te kiezen dan ‘zuinig leven’ of ‘besparen’. Ik vind het niet erg maar veel mensen hebben er een negatieve connotatie bij. Kies voor ‘lichter leven’, ‘leven met intentie’, ‘eigenzinnig leven’ of wat je dan ook mooi vind klinken. Dat je je leven niet meer laat bepalen door wat de marketeers vinden dat je nodig hebt, is alleen maar positief! Je ontzegt jezelf helemaal niets. In tegendeel: je gunt jezelf meer leven.
    • Heb plezier in dingen veranderen en dingen zelf leren maken. Er zijn zo veel zaken die we kopen in de veronderstelling dat we dat huis niet kunnen maken maar bijna alles in de winkel kan je zelf ook. Goedkoper, lekkerder en milieuvriendelijker, over het algemeen.
    • Koop kleine hoeveelheden van dingen die je niet kent maar wel wil proberen. Je eigen wasmiddel maken van zeep is best leuk maar koop niet meteen een kilo marseillezeepvlokken, bijvoorbeeld. Of ingrediënten voor 50 shampoobars.
    • Heb je iets nieuws nodig`? Kies dan voor het meest multifunctionele ding dat je kan vinden en doe weg wat je niet meer nodig hebt. Een lamp met ingebouwde bluetooth speaker, een paar schoenen dat je overal bij kan dragen, seizoenloze kleding, lichte stoelen je eenvoudig naar je balkon verhuist, glazen voor heet en koud drinken..
    • Don’t sweat the small stuff. Het is niet zo belangrijk, echt niet. In plaats van overal de stekkers steeds uit te trekken, douche gewoon een minuut korter, dat bespaart veel meer. In plaats van jezelf uit te putten met een miljoen kleine dingetjes, koop gewoon geen nieuwe televisie. Nog beter: verkoop hem en al zijn nutteloze accessoires (tv-meubel, dvd-speler, decoder, vierendertig kabels en handleiding in 45 talen) en geniet van de lege ruimte.
    • Vind plezier en voldoening in andere dingen dan het aanvullen van je garderobe of het decoreren van je huis.
    • Richt je eerst op de grote dingen, daarna op de kleine dingen. Of, doe de kleine dingen niet als ze je meer kosten dan opleveren. Als je financieel in de sh’t bent geraakt, komt dat niet omdat je het badkamerlichtje hebt laten branden of je broodkapjes niet hebt opgegeten.

Althans, dat vind ik. Ik denk dat focussen op de duurste dingen het belangrijkst is. Als eerste een kleiner en goedkoper huis, een kleinere auto, een auto minder, geen auto. Minder verwarmen en koelen, wat het grootste deel van je energierekening is. Andere dingen (leren) waarderen: havermout is gezonder dan fancy vezel-puntenslijpsel van Kellogs en aardappels gezonder en goedkoper dan afbakbroodjes. Minder eten, gezonder eten en stoppen met snacken is belangrijker dan pindakaas van 5 of 6 euro per kilo kopen. Zicht houden op wat je hebt en nodig hebt is nuttiger dan besparen door in de uitverkoop te kopen en vervolgens dingen te kopen die je niet nodig hebt, ‘maar ze waren zo goed afgeprijsd’. Als: met 20% van de moeite, behaal je 80% van de besparingen, zeker als het eenmaal gewoontes zijn geworden, of als je de dingen blijvend hebt veranderd.

Wat een lang verhaal, ik ga maar eens een blokje om anders word ik ook maar een blob hier op mijn stoel met mijn neus in de laptop. Doei!

Recente ‘declutter’

Zo fijn, een gestroomlijnd huishouden, garderobe, voorraad en… leven.

Onlangs kocht ik mijn favoriete jas, voor de tweede keer. Het is een 3-in-1 jas van Bergans. Ik had deze eerder maar gaf hem weg omdat hij me te groot was geworden en niet meer goed aansloot.

Vervolgens kocht ik een prachtige lange wollen jas, die echter niet wind- of waterdicht was tijdens lange wandelingen in minder dan perfect weer. Dus kocht ik ook een (verantwoord) donzen jas. Maar beide jassen waren niet aangenaam op wat mildere dagen, dus kocht ik bij de kringloop nog een tussenin-jas, die leuk stond maar alle neerslag 1 op 1 doorgaf aan de laag kleding daaronder. Brr!

Foto door Pixabay op Pexels.com

Wat dan? Nog een regenjas erbij? Een gevoerde regenjas? Tot ik besloot: ik koop gewoon weer ‘mijn’ vorige jas. In een passende maat en de juiste kleur. Deze. Hij was afgeprijsd voor 1800 kronen, 180 euro en de investering absoluut waard.

De wollen jas is in de verkoop, mijn donzen jas ligt in de opslag voor echt heel koude dagen en als ik hem deze winter niet nodig heb, verkoop ik hem ook. Mijn tusseninjas is retur gjenbruk.

Zo blij met deze jas weer. Hij is voor de dingen die ik doe, netjes genoeg, heerlijk warm, ik kan hem het hele jaar gebruiken want de voering en buitenkant zijn los van elkaar te dragen. Hij vervangt vier jassen die het allemaal net niet helemaal zijn, door eentje die absoluut altijd goed is. Zo veel beter aan de kapstok!

Maar er verdween nog meer. Een aantal dingen heb ik verhuisd naar het appartement van mijn ouders, onder ‘ons’ huis. Mocht ik ze nodig hebben dan kan ik ze zo weer terughalen, maar ik denk het niet. Onder meer:

  • Twee glazen ovenschalen en een keramieken exemplaar. Ik maak met de huidige el-prijzen alleen nog pizza in de oven maar gebruik hem nooit meer voor ovenschotels. Daarvoor gebruik ik de airfryer, waar ik na lang zoeken een passend schaaltje voor had gevonden. Vervolgens kwam ik erachter dat mijn grootste maat glazen bakjes precies passen. Die ik al had. Zucht!
    Echt, ook al heb je weinig, dan nog blijkt zo vaak dat je precies wat je nodig hebt, gewoon al in huis hebt 🙂
  • Serveerschalen. Bovengenoemde bakjes wil ik nu gebruiken om eten in te serveren. Dat doe ik normaal ook, maar alleen met dingen die over zijn van de dag ervoor.
    Meteen in deze bakjes serveren heeft twee voordelen: ik houd de hoeveelheid die ik maak, binnen de perken en als er iets overblijft, gaat het deksel erop en in de koelkast. Geen extra schalen af te wassen.

En verder was ik de stemming en deed het volgende weg:

  • Een oud tafeltje dat heen en weer ging als vogelvoerplek en bijzettafeltje buiten maar ik kreeg een mooie vogelvoersilo en als het krukje in de keuken kan ook dienst doen als bijzettafeltje als we buiten zitten (en als trapje, als extra stoel…)
  • Een oud 100-liter vat. Destijds meegenomen uit de incourante voorraad van ’s mans werk maar zeer onpraktisch. Als we het zeven jaar niet gebruikt hebben, dan mag het weg hoor!
  • Nog een te korte broek van de jongen, plus een passende trainingsbroek die er letterlijk drie dagen over doet om te drogen. Zijn oude regenjas. Een ongedragen regenjas, nu zomer en vroege herfst behoorlijk droog waren en hij hem volgend jaar zeker niet meer past.
  • Een dunne regenjas en parka van de DL1 die DL2 niet draagt.
  • Wat kleding van de jongste. Ze kreeg een aantal dingen doorgeschoven van haar zus zodat haar meest afgedragen broeken en shirts een functie elders konden krijgen.
  • Een beugelloze bh, die in eerste instantie prima zat maar na een half uur enorm gemene schurende bandjes bleek te hebben. Zo zonde van mijn geld 😦
  • Sjaals. Ik vind ze leuk want het is zo’n makkelijke manier om iets opvallends of kleurrijks toe te voegen aan een outfit maar uiteindelijk loop ik er altijd aan te vervelen omdat ik helemaal niet houd van dikke lagen stof rond mijn nek. Argh! Ik houd het bij een colsjaal voor buiten en let erop dat mijn winterse truien een (kleine, anders heb ik hetzelfde probleem) col hebben.
  • Sneeuwschoenen die ik kocht voor DL2, een paar dagen voor het spontaan heel vroeg lente werd. Het jaar erna pasten ze haar niet meer. DL3 heeft passende schoenen in die maat, die zowel tegen sneeuw als regen kunnen….
  • Een tafellamp en staande lamp. De man installeerde plafondlampen en nu hebben we een zee van licht in de gang. De tijdelijke lampen kunnen terug naar beneden. Fijn, geen spullen op de vloer!
  • Een uitgelezen boek.
  • Het pan-gedeelte van een snelkookpan waarvan het deksel met ventiel kapot gegaan was. Nee, dat wordt niet na een paar jaar bewaren opeens een handig ding 😉

De meeste kleding die ik bewaarde voor de kinderen, is ook vrij nutteloos gebleken. Ze hebben andere voorkeuren, andere dingen nodig op andere momenten…

DL1 droeg een jaar of vier geleden altijd dunne jassen, en spijkerbroeken. Ze had het warm genoeg. DL2 daarentegen loopt al een paar weken met haar dikke winterjas en kan absoluut geen stugge (spijker)stof aan haar lijf verdragen. Ik heb dus heel veel, na een paar jaar in de kast, alsnog weg kunnen doen en ik heb geen zin om het nog eens vijf jaar te laten liggen voor de volgende erin past en het wellicht ook niet wil.

Mijn huis is weer lichter, mijn kasten leger, mijn gemoed opgeruimder, de kringloopwinkel iets voller en hopelijk zijn er veel mensen blij met wat ik heb doorgegeven.

Voor de toekomst vertrouw ik erop dat wat we nodig zullen hebben, onze kant opkomt. Armen open, om te geven en te ontvangen….